babysitter stories

Heb jij een leuk verhaal over oppassen of over jouw oppas? Of wil je een keer geïnterviewd worden voor OppasStudent van de Maand? Mail ons!

Oppas of the Month: Nika (21) – February 2012

Nika lives in Amsterdam since two years. She studies at the Theatre School for becoming a dance teacher. That’s why she left her homeland Kroatia for Holland. One year ago she started babysitting at OppasStudent. She already had some experience because she gives dance classes at children and she gave creative workshops at summer camps in Italy.
Now she’s working with several families in Amsterdam. Some for now and then and others more frequently. The ages of the children vary from 2 to 10 years old. This evening she’s babysitting at Lars (9) and Sophie (7) at IJburg.
‘I really like being around children because they have no care in the world and a strong sense of right and wrong, they never mean any harm,’ Nika tells, ‘and their energy is uplifting.’ Children also remind her things are sometimes more simple than they seem.
For Nika babysitting is a good way of gaining experience with children. ‘I believe you can learn a lot through relations and spending time with children.’ This experience she can use in the future as a dance teacher. Besides that Nika and the babysitting children can exchange languages; Nika learns them a bit English and vice versa they learn her Dutch.
Tonight Nika, Lars and Sophie are celebrating the weekend. Watching some TV and playing a game. It’s friday night and Lars and Sophie can stay up a bit longer. They really like it when Nika comes! ‘It’s as simple as putting them to bed and being asked for a goodnight kiss after giving them nothing more than a simple smile and kindness. It just makes your day worth surviving the hours in school.’

Oppas van de Maand: Felix (23) – december 2011

‘Komen we in de krant?’ Noah (3) komt uit de kast gekropen waar hij zich verstopt heeft als ik mijn camera tevoorschijn haal. We beginnen meteen met de foto’s want het is al bijna bedtijd. Noah pakt zijn skibril en zijn skateboard, want als hij in de krant komt dan wil hij met beiden op de foto. Hoewel Noah pas drie jaar is, kan hij al goed skateboarden en neemt Felix hem wel eens mee naar een skateplek in de buurt. Samen ondernemen ze veel leuke dingen, zoals voetballen, een ijsje halen, naar het Vondelpark om de hoek of thuis samen spelen. ‘Zwemmen vindt Noah het allerleukst. Hij kan zelfs al zonder bandjes zwemmen,’ vertelt Felix trots.
Felix had nog geen oppaservaring toen hij 1,5 jaar geleden via OppasStudent bij Noah en zijn ouders terechtkwam. ‘Ik had anderhalf jaar in Rio de Janeiro gewoond voordat ik ging studeren. Daar heb ik verschillende lessen aan kinderen gegeven, zoals fotografie, theater en sport. Omdat ik de omgang met kinderen zo leuk vond daar, wilde ik graag oppassen in Amsterdam.’
Het klikte direct met Noah en zijn ouders. Afgelopen zomer mocht Felix zelfs een maand mee op vakantie naar Hong Kong en Taiwan, een geweldige reis.
Na anderhalf jaar bevalt het Felix nog steeds erg goed. ‘Oppassen is altijd anders en je leert er mensen goed door kennen, ik zie Noah en zijn ouders ook wel eens buiten het oppassen om. Bovendien kan ik hier – als Noah ligt te slapen – veel beter studeren dan thuis.’    
Omdat Felix ook nog bij twee andere gezinnen van OppasStudent oppast, moet hij soms wel eens ‘nee’ zeggen. Maar dat is geen probleem, want zijn vriendin Anouk past ook via OppasStudent op en valt dan voor hem in. ‘We wonen samen en ons huis is voor een deel ingericht met spullen die we van oppasouders gekregen hebben.’
In februari gaat Felix een semester in Valencia studeren, dan kan hij een paar maanden niet op Noah passen. ‘Maar zijn ouders hebben al gezegd dat ze me zeker komen opzoeken als ik daar ben.’

Oppas van de Maand: Anne (22) – augustus 2011

We staan bij de deur te wachten als Anne en Obbe (2) aan komen lopen. Samen onder een paraplu, want het regent hard. Anne past bij twee gezinnen op, allebei met een zoon van inmiddels twee jaar oud.
Het leukste aan oppassen vindt Anne de eerlijkheid en puurheid van kinderen. ‘Ik beleef veel plezier aan kinderen. Ze zijn zo energiek en echt.’ Dat ze Obbe ziet opgroeien vindt Anne bijzonder. ‘Toen ik een jaar geleden bij Obbe begon, haalde ik hem nog op in de kinderwagen. Nu vindt hij die voor baby’s en wil hij lopend naar huis.’ Hand in hand, want Obbe balanceert graag op de stoeprandjes.
Al een jaar lang haalt Anne iedere donderdagmiddag Obbe om vijf uur op van de crèche. Als hij Anne ziet, rent Obbe met uitgestrekte armpjes op haar af. Samen lopen ze naar huis, krijgt Obbe te eten en dan brengt Anne hem naar bed. ‘Wat ik ook leuk vind aan oppassen, is dat je bij Amsterdamse gezinnen thuiskomt. Daardoor voel je ik me steeds meer thuis in de stad.’
Obbe doet niets liever dan gekke bekken trekken met Anne. De ouders van Obbe vroegen zich al af van wie hij dat toch had. Tot Obbe’s vader een keer thuiskwam en door het raam zag dat Anne en Obbe de grootste lol hadden samen. ‘Van haar heeft hij dat dus!’
Obbe is dol op Anne. Zelfs als ze niet aan het oppassen is en Obbe bijvoorbeeld met zijn ouders op een terrasje zit, roept hij vrolijk haar naam. En Anne is gek op Obbe. Iedere donderdag dat ze opgepast heeft, fiets ze vrolijk naar huis. ‘Dan voel ik me weer helemaal opgeladen.’

Oppas van de Maand: Sabrina (24) – juli 2011

Als we aan komen fietsen in het Vondelpark, zitten Sabrina en Lieuwe op een kleedje een spelletje te spelen. Schoenen en sokken in het gras en bananenchips binnen handbereik. Sabrina is een van de eerste OppasStudenten en past nog steeds op bij het gezin dat we anderhalf jaar geleden aan haar koppelden. En dat maakt het juist zo leuk.
Sabrina: ‘Iedere maandagochtend breng ik Lieuwe (4) naar school en Rijk (2) naar de creche. Als ik binnenkom dan vinden ze het leuk om me te zien. Hoe langer ik bij ze oppas, hoe leuker het wordt. Ik heb een goede band met Lieuwe, Rijk en hun ouders.’
Ondertussen kruipt Lieuwe, nog een beetje verlegen, bij Sabrina op schoot. Vind je het leuk als Sabrina komt oppassen, vragen wij. Lieuwe knikt en als we vragen wat hij het allerleukste vindt om te doen met Sabrina, klimt hij van schoot en pakt Electro erbij. ‘Spelletjes spelen,’ zegt hij beslist en maakt de doos open.
Sabrina: ‘Iedere woensdagmiddag haal ik Lieuwe uit school en gaan we wat leuks doen. Toen ik vroeg wat hij vandaag wilde doen, zei hij “op een kleedje in het gras liggen”. Dat doen we dan ook. Aan het einde van de middag halen we zijn broertje Rijk van de creche, eten we samen en soms breng ik ze ook naar bed.’ Het liefst eet Lieuwe spaghetti met pesto of worstenbroodjes.
Als oppas bouw je een persoonlijke band op met het gezin. Sabrina: ‘Het is meer dan een bijbaantje alleen. Ik heb bijvoorbeeld mijn huis aan de ouders van Lieuwe en Rijk te danken en ze helpen me bij andere dingen. Daarom heb ik ook veel voor hen over.’
We mogen nog snel wat foto’s maken en dan moeten Sabrina en Lieuwe gaan. Ze trekken hun schoenen aan, Sabrina ruimt de spullen op en Lieuwe mag nog één bananenchipje. Dan geven ze elkaar een hand en lopen kletsend weg.

Sarieke (21) over haar tijd als au-pair in Parijs

Franse Eetgewoontes – Ik weet nog goed hoe madame Dubois haar kinderen introduceerde: The little monsters. Ik lachte er hartelijk om, niet wetende dat ze geen woord gelogen had. De kleine monstertjes waren namelijk niet vies van tekenen op muren en meubels, willekeurige medicijnen innemen die ze in de keuken vonden, voorwerpen in het stopcontact steken en hun hele kamer volledig overhoop halen. Het was alsof ik van het ene op het andere moment bij de opnames van een opvoedprogramma beland was. Vele avonturen passeren dan ook de revue als ik terugdenk aan mijn tijd in Parijs.
Het meest bizarre wat ik als Au Pair heb meegemaakt heeft enige inleiding nodig. Namelijk: Franse kinderen eten bijzonder veel. Zo wordt er twee keer per dag warm gegeten en vindt er om vier uur ook nog een zogenaamde goûter plaats. Dit houdt over het algemeen in dat de kinderen zich eindeloos mogen vergrijpen aan koekjes, wafels, snoepjes, appelmoes in Danone verpakkingen, chocola en als ze geluk hebben ook nog aan grote hoeveelheden crêpes. Geloof mij, ik kon met verbazing kijken wat er per dag in die kleine kinderlijfjes naar binnen ging. Het vreemde is dat Franse kinderen niet eens met overgewicht kampen en gewoon dun blijven. Waar gaat het dan heen, kun je je afvragen?
En dat is waar mijn verhaal begint, op een avond dat begon als een doodgewone doordeweekse avond in huize Dubois. Ik zat aan tafel met de tweeling Aimé en Romain, van drie jaar oud. Waar die avond mis ging, was mijn verkeerde interpretatie van het zinnetje je dois vomir. Aimé moest overgeven, zei ze. Nou wil het feit dat de tweeling dit zinnetje dagelijks gebruikte. Aandachttrekkerij of slechte weerstand, ik weet niet wat het was: ik besloot het te negeren. Dat was een grote fout, bleek later. Want dit meisje begon over te geven, en niet zo’n klein beetje ook.
Helaas wordt dit verhaal alleen nog maar erger, aangezien de afstand van de tafel tot het toilet aanzienlijk groot was. Een lange, smalle gang verbond de eetkamer met de rest van het huis. Daarnaast lagen er prachtige Perzische kleden op de grond, die de ouders Dubois uit verre landen meegenomen hadden voor in hun Parijse appartement. Er was geen andere mogelijkheid dan een enorm spoor van braaksel te vormen dat begon bij de Perzische kleden en eindigde aan het einde van de lange gang. Toen we eenmaal bij het toilet aankwamen was ze natuurlijk al klaar. En tot slot – om nog even aan alle clichés te voldoen – kwam vader Dubois precies op het goede moment thuis. Maar helpen opruimen? Welnee. Daar heb je toch een Au Pair voor!

Sophie (19) over moeders op het schoolplein

Moeders zijn er in alle soorten en maten - Op een schoolplein is veel te zien, ik vind het vooral leuk om naar de moeders te kijken. Vaak zie ik moeders die ik automatisch in een bepaalde categorie plaats, om vervolgens op te merken dat de moeders die elkaar opzoeken, juist heel erg verschillend zijn.
Mijn index begint met de moeder-moeders. Dat zijn vrouwen die zich helemaal op het moederschap gestort hebben. Zo van, nu begint mijn leven als moeder en de rest laat ik achter me. Je kunt ze herkennen aan hun functionele kledingstijl. Het fleecejack, (als het maar warm is) de groot uitziende schoenen, die een vaag bergwandeling-gevoel oproepen, en ’s zomers gaan de sokken in de ergonomisch goedgekeurde sandaaltjes, liefst met klittenband. Je kent ze wel. Het accessoire van zo’n moeder is haar tas. Mooi, lelijk, in ieder geval het liefst groot en felgekleurd. Daar kunnen ze dan allerlei ontsmettingsdoekjes, speelgoedbeesten (zonder boeboe kan Pietje namelijk niet functioneren) en natuurlijk een verbanddoos met vooral veel pleisters en betadine. Zij zijn echt op alles voorbereid. Hun kinderen zijn van hetzelfde kaliber. Stevige stappers, paarse broek en neongroen shirt, allemaal onder het mom van warm, functioneel, en niet te vergeten; alles mag vies worden! Het siert ze wel, als je het mij vraagt. Thuis krijgen de kinderen lekker zoete limo met gummibeertjes of spekjes. Dan gaan ze fijn spelen met poep en modder buiten. Helemaal niet erg, de kleren waren toch maar een prikkie, en waar is anders een wasmachine voor? 

Dan zijn er, zoals ik ze graag noem, de upperclass mama’s. Deze zijn vaak al ietsje ouder want ja, die carrière he. Deze soort is vergelijkbaar met de fleecetrui-moeder, maar dan zijn de jas, schoenen en rugzak van een ‘echt’ merk. Hun oversized Gucci-baby-bag matcht met het handige bijpassende Gucci-verband-etuitje. De moeders hebben vaak de nodige make-up op, een warme, doch dure jas aan, en een modieuze hoed/muts om het geheel compleet te maken. Ze halen hun kinderen op met de auto, en als de kinders thuis komen is er melk met koekjes. Na dit heerlijke hapje gaan ze fijn op de Wii, of touwtje springen. Tuurlijk hebben ze plezier, maar het zal om de een of andere reden nooit in ze op komen om zich om te rollen in de modder, iets wat bij de fleecetrui-moeder vaker wel dan niet gebeurt. Tegen het einde van de dag is het huis van de upperclass mam nog onberispelijk schoon. (De fleecetrui-mam heeft dan nog een hele kluif aan de half opgedronken flesjes en bananenschillen die overal rondslingeren.) 

Om het rijtje compleet te maken is er de Ugg-moeder. Zij is hip. Je kunt haar herkennen aan haar lime-groene beachcruiser (met zitje natuurlijk) en zilveren jas. Zij werkt en rent zo de hele dag van hot naar her. Werken, kits ophalen, boodschappen doen, wijn drinken met vriendinnen. Haar kinderen hebben rood met wit gestippelde jasjes, Uggjes en shirts met teksten als ‘mam + pap = ik’ ik weet niet of je er ooit 1 gezien hebt, maar deze kindjes zijn om op te vreten. Ze lijken een beetje op de kindjes uit de H&M gids, alleen dan met duurdere en leukere kleding. 
Vaders zijn ook prachtig om te zien natuurlijk. Je hebt de upperclass vaders, die komen hun kinderen halen met een Blackberry in de hand, een lange jas aan en daaronder het oude vertrouwde pak met stropdas. De vaders van de Uggkinderen hebben vaak een kort jasje aan, bij voorkeur van leer. In sommige gevallen hebben ze stoere Uggs aan, hun haar zit meestal wat wilder, en ze hebben een quasi nonchalant stoppelbaardje dat moet zeggen: ‘ik ben echt niet vergeten om me te scheren, kijk maar eens hoe perfect mijn baardje zit’. De vaders van de fleecetrui-kids lijken op hun vrouw, warm en functioneel, en altijd vrolijk.
Het leuke is dat al deze mama’s en papa’s niets met elkaar gemeen lijken te hebben op het eerste gezicht, maar eigenlijk zijn ze precies hetzelfde. Ze hebben allemaal lieve kleine kindjes, die allemaal vrolijk met elkaar spelen. Het schoolplein is een samenstelling van veel verschillende kleuren die langzamerhand in elkaar overlopen en samenkomen.